Doet ie ’t of doet ie ’t niet?

  

Zodra ik wakker word kijk ik uit het raam naar buiten. Yes, de weersvoorspellingen kloppen. Het zonnetje schijnt en een stralend blauwe lucht. Whoohoo, strandweer!

Snel schiet ik mijn nieuwe bikini aan, altijd fijn de summersale, pak mijn spullen. Handdoek, zonnebrand, flesje water, leesvoer. Check, check, dubbelcheck en stap op de fiets in korte broek en top richting strand.

Onderweg denk ik, heerlijk 19 graden, beetje wind, maar dat mag de pret niet drukken. Hoe dichter ik bij het strand kom, hoe meer mensen ik tegenkom met lange broeken, truien, jassen en zelfs een verdwaalde winterjas. Ik weet niet wie gekker zijn, zij of ik?

Een bijna verlaten strand… Her en der wat wandelaars en een paar windschermen met daarachter mensen met hun kleding nog aan.

Ik spreid mijn nieuwe strandhanddoek uit (deze was ik vergeten mee te nemen), smeer mijn hoofd in, trek mijn kleren uit en ga liggen. Fantastisch, de zon, het geluid van de golven. Het opstuivende zand wat in mijn oor terecht komt, dat negeer ik gewoon.

Ik lig een beetje mensen te kijken en te lezen, beter begin van de dag voor het werk kan bijna niet, maar die éne prangende vraag blijft in mijn hoofd rondspoken: zal ik of zal ik niet… Ik zie niemand in het water, maar wat kan mij het schelen.

Als geboren Vlielander, moet je wel een duik nemen als je op het strand bent.

Ik doe het!!! En ach, als je eenmaal kopje onder bent geweest valt het best mee.

Met een tevreden verzopen gezicht loop ik weer terug naar mijn handdoek.

FR

木漏れ日

  

Ik heb Finn naar school gebracht en als ik terug fiets naar huis wordt het licht, prachtig gefilterd door de bladeren van de bomen. Daar hebben ze in het Japans een woord voor;  komorebi. 

Ik besluit om een kleine ochtendwandeling te maken om te genieten van dit mooie licht en om even mijn gedachten te ordenen. Gisteren hebben we de uitslag gekregen van de onderzoeken naar Finn zijn gedrag en leermoeilijkheden. Zoals verwacht heeft hij in iedergeval ADHD. 

Een diagnose bepaalt niet wie Finn is. Het zorgt er alleen voor dat hij beter wordt begrepen. Maar zoals zijn geboorte kaartje al zei, hij lijkt sprekend op zichzelf. Mijn lieve enthousiaste mannetje! 

MR 

Op een onbewoond eiland

https://m.youtube.com/watch?v=7VqqLWWKth0

Ik zit klaar op de bank. Het moment is weer daar! Het is tijd voor Expeditie Robinson! Dit vind ik zo’n heerlijk programma. En elke keer weer fantaseer ik hoe het zou zijn als ik mee zou doen aan dit programma. Ik zie het al voor me dat ik uit de helikopter spring, dat ik naar het strand zwem, dat ik iedereen help om uit het water te komen, dat ik lekker de hele dag met mijn blote voeten in het zand sta, dat ik alles eet wat de natuur mij te bieden heeft, dat ik kokosnoten hak als een ware Robinson en zelfs vuur maken zal mij gemakkelijk af gaan. En dan nog maar te zwijgen over het feit dat ik op elk moment van de dag zal kunnen zwemmen in een heerlijk, warme, helder, blauwe zee. Uiteraard sta ik er niet bij stil dat het ook kan stormen, dat de zandvlooien je verwelkomen zoals de Justin Timberlake wordt ontvangen door zijn fans en dat verveling je grootste vijand zal zijn.  Voor het gemak vergeet ik maar even dat het tegenwoordig alleen is weggelegd voor bekende Nederlanders.

Ik ben denk ik alleen niet goed in het spel, zoals ze dat dan noemen. De proeven zullen voor mij, op de eetproef na, geen probleem zijn. Dat zou ik echt als een feest beschouwen. Alleen dat stemmen. Dat stemmen zou ik echt verschrikkelijk vinden. Ik wil door iedereen aardig gevonden worden, ik ben totaal niet tactisch, een spuit elf en veel te eerlijk. Ik houd niet van vals spelen, kan er ook niet tegen, dus zelfs bij Kolonisten van Catan zeg ik: ” Je moet je kaartjes even schudden. Ik heb ze gezien”. Stom natuurlijk, want ik heb nu net hout nodig om mijn dorp te kunnen bouwen. Ik vraag me alleen af hoe de vrouwen het doen, als ze zich moeten scheren. De mannen laten hun baarden groeien en gaan er steeds meer uitzien als een echte Robinson. Als vrouw kun je denk ik niet prachtige, weelderige bossen haar laten groeien. Ik denk dat je er dan gelijk uitgestemd wordt, door je mede eiland bewoners.

Mijn to do lijstje als Robinson:

  1. Alle proeven winnen
  2. Een kokosnoot openmaken
  3. Vuur maken
  4. Lekker krabben vangen
  5. Lekker zwemmen in de heldere zee
  6. Slapen onder de sterrenhemel
  7. Yoga op het strand
  8. Genieten van het uitzicht
  9. Leven zonder tijd
  10. Een zandkasteel bouwen

Nu rest mij alleen nog maar een bekende Nederlander te worden. 

ER

Variety is the spice of life

IMG_4321

De vierde school week start morgen alweer. Ik ben nog steeds goed bezig met mijn voornemen om de broodtrommel gevarieerder te vullen! Op zondag een blik met ontbijt/lunch muffins bakken begint al aardig routine te worden. Door de week verzamel ik allemaal lekkere inspirerende recepten om ook daar afwisseling in te houden maar dat is geen probleem als je het seizoen volgt.

Ingrediënten

– 1 eetlepel chiazaadjes

– 2 eetlepel kokosrasp en wat voor de topping

– handje gepelde pistache noten
– 140 gram havermout
– 140 gram speltmeel
– 150 ml melk
– 2 grote eieren
– 2 eetlepels kokosolie
– 3 theelepels bakpoeder

– 150 gram geraspte wortel
– snuf zout
– 1 flinke eetlepel honing
– 1 eetlepel kaneel
– 1 theelepel djahe
– 1/2 theelepel kardemom
– 1/2 theelepel nootmuskaat

Extra benodigd, muffinbakblik, muffinvormpjes en een keukenmachine

Bereiding:

– verwarm de oven voor op ongeveer 175 graden

– gooi alle ingrediënten, behalve de pistache noten bij elkaar en meng het tot een mooi beslag.

– voeg de pistache noten toe en meng deze op een lage stand door het beslag

– vet de vormpjes in met bijvoorbeeld kokosolie en vul ze voor 2/3 met het beslag

– strooi er nog wat kokosrasp overheen

– zet ze het geheel in de oven en bak voor ca. 30 minuten. De lunchmuffins zijn gaar als je er met een satéprikker in prikt en deze er schoon uitkomt

Het was de bedoeling dat het een recept was voor twaalf muffins maar helaas het is er één voor tien geworden…

MR

Raadgevers van het leven

  

Een foto zegt meer dan duizend woorden. Tranen wellen op in mijn ogen. Ik word overvallen door een gevoel van intens verdriet. Verdriet voor alle kinderen die verloren zijn gegaan, verdriet voor iedereen die alles  achter heeft moeten laten, verdriet voor de angst, verdriet voor het verdriet van anderen.

Ik denk aan de angst die een moeder, een vader, een kind, een mens moet voelen waarop zij de beslissing baseren om huis en haard te verlaten. De angst die de raadgever is om je kinderen, of je zelf in een positie te plaatsen die misschien uitpakt als een beter leven, maar die je misschien moet bekopen met verlies, of met de dood. Is een iemand zich daarvan bewust wanneer je in het bootje stapt?  Zijn dat gedachten die de revue passeren wanneer je samen met je kind in het bootje stapt, of word je gedreven door hoop. En is dat het enige waar je aan vasthoudt, omdat alle andere gedachten te verschrikkelijk zijn om over na te denken. Is hoop in dit geval je raadgever?

Ik vind het verschrikkelijk dat een mens zo wreed kan zijn, om een ander het leven te ontnemen dat zij willen leven. Dat een mens zo in en in slecht kan zijn beangstigd mij. Ik leer de kinderen in mijn klas “stop, houdt op” te zeggen wanneer er iets gaande is dat zij niet willen. Als een kind dan niet stopt dan kom je bij juf. Elk kind in mijn klas weet dan, dat ik hen help het conflict op te lossen. Deze mensen die in een bootje stappen hebben geen juf om naar toe te gaan. Het enige dat zij hebben is angst en hoop. Angst voor het ondenkbare en hoop op een beter leven. 

Mijn hart huilt.

“I am another you.
You are another me”.

-Desmond Tutu

ER