Golden oldie: Dierendag

In het kader van dierendag deze keer een blog uit de oude doos. De onderstaande column werd voor het eerst gepubliceerd in oktober 1989, in “Het Baken” ;het al enige tijd geleden ter ziele gegane “Orgaan van de Vlielandse Jeugddrumband. ”

SHEILA

De eerste keer, dat ik Sheila zag, zat ze vastgebonden aan de verwarmingsbuis in een keuken, ergens in een huis in Leeuwarden. 

Vanonder haar mooie lange wimpers keek ze me treurig aan en wierp me daarmee in feite de handschoen toe, alsof ze me wilde uitdagen, haar ongestraft achter te laten. ……Het werd een tien jaar durende strijd.

Sheila was een onooglijk klein hondje, met een lang lijf, een ruim vel en brede poten. Aan de ervaring dat ze, steeds, als ze werd vastgezet en opgesloten, haar moeder in het huis ernaast hoorde janken, (waarbij ze tot gek wordens toe antwoord gaf) zou ze een levenslang trauma overhouden.

Toen ik met haar thuis kwam, waren de kritische opmerkingen niet van de lucht. “Worst- op- poten” en “Stofzuiger” waren nog de meest vriendelijke omschrijvingen en allemaal waren ze even waar. Men had haar Lady genoemd, maar (behalve dat die naam alleen al vanwege haar uiterlijk niet te handhaven was) : ze bleek al spoedig geen dame. 

Zo werd ze misselijk in auto’s, at ze het liefst uit de kattenbak en wentelde ze zich minstens een keer per week in paardenmest of andere uitwerpselen. 

De grootste aantrekkingskracht echter hadden rottende kadavers, want daar kon ze en van eten en lekker even in rollen, zodat de tuinslang altijd gebruiksklaar moest liggen. 

Zodra ze alleen gelaten werd, kwamen haar destructieve neigingen naar boven. Niets was veilig. Aan boeken, platen, meubilair, kledingstukken, schoenen, speelgoed, koelkast, handdoeken, beddengoed, planten, haar eigen mand. ….overal draagt onze huishouding nog de sporen van haar vernielzucht; er was niets wat haar van die vervelende gewoonte af kon brengen. 

Toch was ze niet hardleers (ze kon zelfs opzitten en pootjes geven! ), ze was alleen wat eigenzinnig. 

Als je riep, kwam ze gewoon een half uurtje later en de pedaalemmer liet ze pas met rust, als ze alle lekkernijen er had uitgevist. 

Daarom werd Lady omgedoopt tot Sheila, misschien ook geen vlag die de lading dekte, maar wel een naam waar karakter uitspreekt en dat was in ieder geval een eigenschap, die Sheila niet ontbeerde.

Algauw werd het een familiegrapje, dat iedereen die haar hebben wilde, een maand gratis voer toe kreeg en daar kon je natuurlijk om lachen, maar zo langzamerhand werd de toestand onhoudbaar. Het was duidelijk dat ze gezelschap nodig had. Een eigen jong kwam daarvoor het meest in aanmerking en nadat ze gedekt was, wierp Sheila niet de bij een eerste worp gebruikelijke drie of vier jongen, maar negen stuks! Vijf daarvan bracht ze plichtsgetrouw groot en daarna hervatte ze gewoon weer haar oude leventje. 

Met dit verschil, dat ze op haar ongeoorloofde uitstapjes nu gezellig haar zoon meenam en dat ze door zijn aanwezigheid niet zo snel meer in paniek raakte als er niemand thuis was, dus wat dat betreft was de opzet geslaagd.

In februari jl. werd ze ernstig ziek. Daarna liep ze slecht en zag ze er beduidend ouder uit, maar het grapje was al gauw gemaakt, dat Sheila niet kapot te krijgen was. In de nacht van 2 op 3 september kreeg ze echter weer een aanval. Aanvankelijk leek ze bovenstaande stelling waar te gaan maken, want ’s ochtends herkende ze me weer en kwispelde zelfs te begroeting, maar ’s middags lag ze dood in haar mand. 

Het is een stuk rustiger in huis. Dat wel. Maar ik weet dat ik haar mis.

Vooral als ik me realiseer dat ze nooit meer luid blaffend door het duin zal rennen op zoek naar een denkbeeldige prooi; dat ze me nooit meer zal vloeren met de enorme balken, die ze vaak mee wist te slepen; dat ze nooit meer haar snuffelrondje om de tafel zal maken en dat ze me nooit meer zo’n quasi-onschuldige blik zal toewerpen, zo van: “kan ik het helpen? ”

Dat gevoel zal altijd wel een beetje blijven.

Groet SH

Advertenties

Golden Oldie: zweten in Noorwegen

  

Half acht ’s ochtends. Ik ontwaak en ik pak m’n telefoon om te kijken hoe laat het is. Ik zie dat mijn telefoon is ontploft. “Code violet”, wordt geappt door mijn directeur. “Code violet? Maakt ze een grap? Ik heb nog nooit gehoord van code violet”‘ schiet het door m’n hoofd. Eerst maar eens kijken wat er in de wereld aan de hand is. Ik open het nieuws en daar wordt code violet bevestigd; levensgevaarlijk weer. Mijn vriendinnetje appt: ” Deze taferelen doen me aan Noorwegen denken”, dit tovert een glimlach op m’n gezicht. Een aantal jaar ben ik met mijn studiegenootje een aantal maanden naar Noorwegen geweest voor onze studie. Samen met twee andere studenten van de pabo hebben we daar een te gekke tijd gehad; en de meiden zijn echt vriendinnen voor het leven geworden! 

Vandaag een golden oldie: een blog die ik geschreven heb toen ik in Noorwegen was.

Zweten in Noorwegen

Zweten in Noorwegen. Kan dat? Ik kan met een gerust hart zeggen dat dit mij afgelopen zaterdag aardig is gelukt. Dit keer hadden we als dagactiviteit: langlaufen en elanden spotten ( het moosse spotten is mij helaas niet gelukt). Hierbij hadden we twee persoonlijke Noorse gidsen. Deze meiden zitten in mijn klas en vertellen ons graag hoe belangrijk wol is in Noorwegen. Wol houd je warm. Aangezien deze lieve meid geen wol meegenomen heeft, vond ik het verstandig mij goed aan te kleden. Om het plaatje compleet te maken zal ik even vertellen wat ik aan had: bh, onderbroek, gewone sokken, smartwool sokken, thermo ondergoed, een truitje met korte mouwen, een snowboardbroek, een vestje, een sjaal, een jas en een muts. In mijn rugtas zat nog een fleece vest en een trui. Ik was absoluut niet van plan om het koud te krijgen.

Ik had noog nooit op de lange latten gestaan, dus dit beloofde enorme lol voor de Noorse dames die al vanaf hun tweede op de latten staan. Naïef als ik ben vraag ik of er ook skiliften naar boven zijn. Na vriendelijk gelach van mijn Noorse gidsen was het antwoord nee. Na een kleine afdaling, wat goed ging zonder te vallen, begon de klim op de lange latten. Eindelijk boven, zonder te vallen, had ik het lekker warm. Optimistisch als ik ben, denk ik dan krijg ik het in elk geval niet koud. Na de klim volgde de eerste afdaling gepaard met een valpartij. Het moment dat je gaat vallen, dat besef, dat is onbeschrijfelijk: ” Daar ga ik. Ik hoop dat ik goed land, dat het geen pijn doet. Dat ik m’n been niet breek, dat ik geen sneeuw in m’n kleren krijg. BOEM!!! AU!!! PIJN, SNEEUW IN M’N KLEREN, AAAH!!” Maar vooral lachen, want het is toch geweldig. Ik sta op de lange latten in Noorwegen en natuurlijk ga ik op m’n plaat, maar dit is vet cool! Nadat ik mijzelf weer had herpakt vervolgenden we de rit met, jawel, een klim. Eindelijk  boven zweette ik als een otter. Ik zal je zeggen: een hittegolf in Turkije is er niets bij. 

Na vele afdalingen, klimmen en valpartijen met sneeuw in m’n broek waren we eindelijk helemaal boven. Natuurlijk helemaal bezweet, maar voldaan. Onze Noren hadden de sleutel van een heuse, Noorse blokhut. Hier hadden ze twee heuse verrassingen voor ons in petto: warme chocolade melk en grote rubberen banden waarmee we de heuvel af konden sleeën. Na elke kick van het sleeën volgde een klim om vervolgens weer naar beneden te sleeën. Dit zorgde ook voor de nodige zweetdruppels op m’n voorhoofd. 

Ik heb deze dag beleefd met bloed, zweet en tranen. Een dag om nooit meer te vergeten. Zweten in Noorwegen, dit zou ik elke dag wel willen!

  

Wauw, een herinnering om nooit te vergeten! 

ER