Guestblog raising mefrouw: De F van mefrouw

Onverwacht zwanger van de tweede, was ik er eigenlijk van overtuigd, dat er deze keer een jongen zou komen, of anders een hele stoere meid, gezien de ongeduldige harde trappen die ik af en toe kreeg. Daarom was het wat de naamgeving betrof duidelijk: of opa van vaderskant zou vernoemd worden, of het moest een korte sterke meisjesnaam zijn.

Alleen hadden mijn man en ik afgesproken, dat hij nu aan de beurt was om te kiezen, dus heel veel zeggenschap had ik er niet over. Wat me overigens niet belette om er over te piekeren en te proberen er toch enigszins mijn invloed op uit te oefenen, want ja, we moesten het er natuurlijk wel samen over eens zijn.
Vanuit de familie kwam het voorstel om beide grootmoeders te vernoemen en daar viel best wat voor te zeggen. Van Hinke Christina kon je heel mooi Krista maken. Maar er waren zoveel meer namen, die ik leuk vond en de eerste was ook niet vernoemd, dus moest je er dan nu wel aan beginnen? Al twijfelend werden mijn lijstjes steeds langer. Gek werd mijn man ervan, toen ik hem ermee bestookte, vooral nadat ik ook nog een namenboekje in de bieb had gevonden.
Wat me zorgen baarde was het feit, dat hij dacht alle tijd van de wereld te hebben, terwijl voor mijn gevoel de bevalling al voor de deur stond. Zelf wist hij niets te bedenken, dat ook nog. Uiteindelijk hadden we de potentiële kanshebbers teruggebracht tot een lijstje van vier namen:
Berber

Zelma

Krista

Foka

Krista bleef heel lang favoriet. Maar Foka was haar vaders keus. Toen ze er eenmaal was, wist ook ik, dat ze de juiste naam had gekregen. En al wist oma dan niet hoe ze het uit moest spreken, ze was er zielsgelukkig mee.

Groet SH

NB
Een Selma kregen we later, als kadootje, nog in de familie; sommige dingen moeten gewoon zo zijn.

Guestblog raising mefrouw: On the move

Verhuizen schijnt voor veel mensen in de top drie van stressvolle situaties te staan. En de doorsnee burger schijnt het gemiddeld ook maar drie tot zes keer in zijn of haar leven te doen. Ikzelf heb in mijn leven in vijftien verschillende huizen gewoond en ben dus met mijn kinderjaren meegerekend behoorlijk vaak verhuisd. Het aantal keren dat ik tussendoor weer eventjes terugkeerde op het ouderlijk nest heb ik dan nog niet eens meegeteld.
Mijn dochters hebben hier natuurlijk wel een tik van meegekregen. Nadat ik ze door het hele land heb mee gesleept, kunnen ze er ondertussen zelf ook wat van. Organisatorisch zijn ze er niet minder van geworden.

Zo is de jongste nogal van het weggooien. Ooit hielp ik haar met de verhuizing, toen ze, wegens sloop, het appartementen complex waar ze indertijd woonde, moest verlaten. Met pijn in mijn hart zag ik dingen uit haar jeugd, die ik eerst jarenlang voor haar gekoesterd had, in de container verdwijnen. Ja, mam, is het dan, je kunt niet alles bewaren!

De middelste heeft momenteel geen vaste woon- of verblijfplaats, maar leeft zo’n beetje vanuit haar koffer. Een deel van haar bezittingen staat opgeslagen en toen we dat aan het inpakken waren, verbaasde ik me over het gemak waarmee ze de rest verkocht, weg gaf of weg kieperde.

Dat je ook weer van je kinderen kunt leren, realiseerde ik me bij mijn meest recente verhuizing. Omdat die van groot naar klein ging, moest ik goed nadenken over wat er wel of niet mee kon. De boeken verdwenen bij iemand in de opslag; de boekenkast ging naar Goutum; heel veel spullen kon ik verkopen via Marktplaats, en ja, voor de deur stond een grote aanhangwagen waarmee mijn schoonzoon diverse malen naar de Milieustraat is gereden. Ook ik ontkwam er niet aan, om dingen weg te moeten gooien.

Toen ze klein was zei de oudste een keer tegen mij dat ze eigenlijk niet beter wist, dan dat we steeds weer gingen verhuizen, maar laatst realiseerde ze zich dat haar huidige adres hetgene is, waar ze het langste heeft gewoond, dus die heeft haar stekje gevonden.
En of ik nou hier blijf wonen? De tijd zal het leren!

Groet SH

Guestblog raising mefrouw: De M van mefrouw

Miranda zou ze heten, mijn eerste, mijn oudste mijn baby. Mits het een meisje zou zijn natuurlijk, want anders werd het een Matthieu François, naar de vader van mijn man, dat stond al heel lang vast.

Naarmate de zwangerschap vorderde en de bevallingsdatum naderde, kwamen er in de omgeving echter toch wel heel veel Miranda’s ter wereld. Je kon de krant niet opslaan of daar stond weer een advertentie met de trotse aankondiging van de geboorte van alweer een Miranda. Straks zou ze in de klas haar vinger opsteken en kreeg ze te horen: “Zeg het maar M3! ”

Dus sloeg de twijfel toe. Ook al omdat me steeds weer de vraag bekroop of ze toch niet vernoemd zou moeten worden naar mijn moeder. In dat geval zou het namelijk een Hinke van Sietske worden. Zoals ik een Sietske van Hinke ben en mijn moeder een Hinke van Sietske, die een Sietske van Hinke was. Twijfel, twijfel, twijfel, maar mijn moeder riep heel stoer, dat ze niet vernoemd hoefde te worden: ze zou er niet meer of minder om van het kind gaan houden! Dat bleek later helemaal waar te zijn.

Ondertussen ging de tijd dringen. Er moest een beslissing genomen worden. En zoals het gaat met die dingen, op een avond tijdens het optreden van een of andere Franse zangeres op tv, kwam eindelijk de inspiratie. Het kon bijna niet mooier. Er werd dan wel een traditie verbroken, maar alle Miranda’s op aarde en opa’s prachtige naam werden zo in ere gehouden, want dat meisje heette Mireille Matthieu.

Alles viel op zijn plaats en voor ik het wist was op geheel eigen wijze Mirelle geboren. Een bevalling is er niets bij!

Groet SH

Guestblog: Klap

Jongens zijn heel anders dan meisjes, beweerde men vaak, toen mijn zoon net geboren was en door schade en schande wijs geworden, kan ik dat alleen maar beamen.Bijna achttien is hij nu en in stilte tel ik mijn zegeningen.
Hij is nog nooit blijven zitten, wel vaak net niet, wat ook veel stress oplevert, maar toch, altijd overgegaan of diploma behaald.

Bij mijn weten rookt hij niet. Daar heeft hij ook geen geld voor, want hij werkt niet meer, maar hij is ook nog steeds anti, net als mefrouw vroeger.

Hij mag gezien zijn leeftijd en de nieuwe wetgeving officieel nog niet drinken, maar af en toe een biertje kan geen kwaad. Ik heb hem nog nooit bij het politiebureau op hoeven halen, wegens openbare dronkenschap.

Hij is nog nooit betrapt op vandalisme, winkeldiefstal, graffiti of andere wandaden. Gezien eerdere ervaringen weet ik, dat die heus wel aan het licht zouden komen, mocht hij zich daar mee bezig houden, dus ga ik er maar vanuit dat dat niet zo is.

Hij gebruikt geen drugs. Toen we laatst samen naar Spuiten en Slikken keken, was hij alleen maar verbaasd over de hoeveelheid pillen, poeders en andere chemicaliën die er bestaat; waarvan hij zelfs nog nooit gehoord had.

Tegenwoordig komt hij zo nu en dan wel in het holst van de nacht thuis, maar over het algemeen heb ik er dan een goed beeld bij, waar hij geweest is en met wie. (Lang leve de mobiele telefoon! ).

Voor ouderen of onbekenden die misbruik zouden kunnen maken van zijn jeugd en onschuld heb ik nooit bang hoeven zijn, want hij heeft gewoon een vriendin van zijn eigen leeftijd uit de buurt.
Bijna volwassen is hij nu, mijn sportieve, gezonde, sociale, grappige, naïeve, vergeetachtige, verstrooide, onhandige, geweldige zoon. Ik besef dat er nog van alles kan gebeuren en dat je nooit nooit moet zeggen. Dit is nog maar het begin.

Maar hij is heel anders inderdaad.
Groet SH
NB. Na lezing van bovenstaande voegde mijn zoon er eerlijkheidshalve aan toe, dat hij weleens iemand een klap heeft verkocht, die zijn vriendinnetje beledigde.

Zo zie je maar weer, daar had ik nog niet aan gedacht.

Raising mefrouw: Jeugdhelden

  

In mijn jeugd was kindertelevisie net in opkomst. Wij keken naar Swiebertje, Pipo de Clown, Oebele, Ja zuster, Nee zuster en natuurlijk Floris, vaak zelfs met het hele gezin.

In die tijd was het sensationeel, als je een van de hoofdrolspelers in het echt te zien kreeg. Ik heb b.v mijn arm, nadat Rutger Hauer zijn handtekening erop gezet had, een weeklang niet gewassen. Zo bijzonder vond ik dat.

Sindsdien zijn er dankzij mijn kinderen en kleinkinderen in de loop der jaren vele bekende tv series, films en tekenfilms op het gebied van kinderentertainment aan mij voorbij getrokken. Ik heb er vaak bij gelachen, me soms kapot verveeld bij de vele herhalingen en zelfs gehuild, toen ik met mijn neefje Tarzan in de bioscoop zag.

De diverse theater voorstellingen van tv persoonlijkheden als ome Willem, Bassie en Adriaan en Andre van Duin en het circus van clown Carlo waren hoogtepunten, want zij waren de besten onder hun gelijken. Mijn dochters vonden het geweldig om hun favorieten in levende lijve te zien spelen.

Mijn zoon vond Ernst, Bobby en de rest te gek en laten die nou nog steeds optreden! Vanmiddag mocht ik er weer naar toe. Deze keer met mijn kleinzoon. We hebben gezongen, gelachen en ons in geleefd. We moesten ons verstoppen en heel hard roepen. Hij werd geschminkt en in de pauze kregen we lekkere chocolademelk en “tomaten” chips. 

De soepkip kwam voorbij, maar het allerleukste vond Finn toch het snellopen. Genoten hebben we en moe maar voldaan keerden we huiswaarts, naar zijn aan het bed gekluisterde moeder, die er door onze verhalen en de foto’s toch nog een beetje van kon meegenieten.

De tijden veranderen, “but some things never change”.

Groet SH

NB. Leven die nog? Vroeg mijn zoon later.

En jawel, hoor. 

Nog te zien in vele theater check hun website!

http://www.ernstbobbie.com/index.php?id=271

https://nl.m.wikipedia.org/wiki/Ernst,_Bobbie_en_de_rest