Dromen zijn een raar iets

  

Vanochtend werd ik badend in het zweet wakker. Ik droomde dat ik in een brandend gebouw zat en dat de uitgang geblokkeerd was. Verschrikkelijk! Wat was ik blij dat ik wakker werd. Pfff gelukkig, het was maar een droom…

Het rare is dat ik dit precies nu droomde, of toch niet?

Vandaag is het 11 september oftewel 9/11. Alweer 14 jaar geleden zaten we aan de buis gekluisterd die vreselijke beelden te bekijken. Ik denk dat iedereen nog weet waar hij of zij precies op dat moment was. Mijn zusje was op dat moment in Amerika, gelukkig helemaal in Montana, een paar weken daarvoor nog in New York. Heel bizar en ook paniek bij ons thuis.

Voor mij was het maar een droom, voor 2977 mensen niet. Zoveel mensen die ’s ochtends gewoon opstonden, ontbeten, hun kinderen een kus hebben gegeven, hun hond hebben geaaid, misschien zelfs ruzie met hun partner hebben gemaakt. Sommige van hun hebben op die bewuste dag nog kunnen bellen naar hun geliefde. Maar al deze mensen zijn nooit meer thuis gekomen.

Zij kunnen nooit meer dromen.

Op een dag als vandaag, stralend mooi weer zit ik op een terras en tel ik mijn zegeningen. Laat mijn familie weten dat ik van ze hou. Vanavond zal ik een kaarsje branden voor de slachtoffers van 9/11. Zij die nooit meer kunnen dromen.

FR

Doet ie ’t of doet ie ’t niet?

  

Zodra ik wakker word kijk ik uit het raam naar buiten. Yes, de weersvoorspellingen kloppen. Het zonnetje schijnt en een stralend blauwe lucht. Whoohoo, strandweer!

Snel schiet ik mijn nieuwe bikini aan, altijd fijn de summersale, pak mijn spullen. Handdoek, zonnebrand, flesje water, leesvoer. Check, check, dubbelcheck en stap op de fiets in korte broek en top richting strand.

Onderweg denk ik, heerlijk 19 graden, beetje wind, maar dat mag de pret niet drukken. Hoe dichter ik bij het strand kom, hoe meer mensen ik tegenkom met lange broeken, truien, jassen en zelfs een verdwaalde winterjas. Ik weet niet wie gekker zijn, zij of ik?

Een bijna verlaten strand… Her en der wat wandelaars en een paar windschermen met daarachter mensen met hun kleding nog aan.

Ik spreid mijn nieuwe strandhanddoek uit (deze was ik vergeten mee te nemen), smeer mijn hoofd in, trek mijn kleren uit en ga liggen. Fantastisch, de zon, het geluid van de golven. Het opstuivende zand wat in mijn oor terecht komt, dat negeer ik gewoon.

Ik lig een beetje mensen te kijken en te lezen, beter begin van de dag voor het werk kan bijna niet, maar die éne prangende vraag blijft in mijn hoofd rondspoken: zal ik of zal ik niet… Ik zie niemand in het water, maar wat kan mij het schelen.

Als geboren Vlielander, moet je wel een duik nemen als je op het strand bent.

Ik doe het!!! En ach, als je eenmaal kopje onder bent geweest valt het best mee.

Met een tevreden verzopen gezicht loop ik weer terug naar mijn handdoek.

FR

Op een onbewoond eiland

https://m.youtube.com/watch?v=7VqqLWWKth0

Ik zit klaar op de bank. Het moment is weer daar! Het is tijd voor Expeditie Robinson! Dit vind ik zo’n heerlijk programma. En elke keer weer fantaseer ik hoe het zou zijn als ik mee zou doen aan dit programma. Ik zie het al voor me dat ik uit de helikopter spring, dat ik naar het strand zwem, dat ik iedereen help om uit het water te komen, dat ik lekker de hele dag met mijn blote voeten in het zand sta, dat ik alles eet wat de natuur mij te bieden heeft, dat ik kokosnoten hak als een ware Robinson en zelfs vuur maken zal mij gemakkelijk af gaan. En dan nog maar te zwijgen over het feit dat ik op elk moment van de dag zal kunnen zwemmen in een heerlijk, warme, helder, blauwe zee. Uiteraard sta ik er niet bij stil dat het ook kan stormen, dat de zandvlooien je verwelkomen zoals de Justin Timberlake wordt ontvangen door zijn fans en dat verveling je grootste vijand zal zijn.  Voor het gemak vergeet ik maar even dat het tegenwoordig alleen is weggelegd voor bekende Nederlanders.

Ik ben denk ik alleen niet goed in het spel, zoals ze dat dan noemen. De proeven zullen voor mij, op de eetproef na, geen probleem zijn. Dat zou ik echt als een feest beschouwen. Alleen dat stemmen. Dat stemmen zou ik echt verschrikkelijk vinden. Ik wil door iedereen aardig gevonden worden, ik ben totaal niet tactisch, een spuit elf en veel te eerlijk. Ik houd niet van vals spelen, kan er ook niet tegen, dus zelfs bij Kolonisten van Catan zeg ik: ” Je moet je kaartjes even schudden. Ik heb ze gezien”. Stom natuurlijk, want ik heb nu net hout nodig om mijn dorp te kunnen bouwen. Ik vraag me alleen af hoe de vrouwen het doen, als ze zich moeten scheren. De mannen laten hun baarden groeien en gaan er steeds meer uitzien als een echte Robinson. Als vrouw kun je denk ik niet prachtige, weelderige bossen haar laten groeien. Ik denk dat je er dan gelijk uitgestemd wordt, door je mede eiland bewoners.

Mijn to do lijstje als Robinson:

  1. Alle proeven winnen
  2. Een kokosnoot openmaken
  3. Vuur maken
  4. Lekker krabben vangen
  5. Lekker zwemmen in de heldere zee
  6. Slapen onder de sterrenhemel
  7. Yoga op het strand
  8. Genieten van het uitzicht
  9. Leven zonder tijd
  10. Een zandkasteel bouwen

Nu rest mij alleen nog maar een bekende Nederlander te worden. 

ER

Een regenboog aan de hemel

IMG_4291

Ik loop met een slaperig hoofd naar beneden naar Finn zijn kamer, trek de gordijnen open en zet het raam op een kier. Ik kijk op en zie een prachtige, hele heldere regenboog aan de hemel. Ik roep Qyra die ook nog boven is en samen kijken we naar dit kleurrijke natuurverschijnsel. Ik roep naar beneden dat Finn ook even uit het raam moet kijken en na een tijdje horen we een “WAUW”, hij heeft hem ook gespot.

Opeens staat mijn lief naast me en vraagt “je bedoelde toch niet die kip”? Ik schrik. Nee, ik bedoelde niet de kip.

Tok blijkt vannacht te pakken zijn genomen door een steenmarter.

Groot verdriet bij mijn gevoelige mannetje en de hele dag staat in het teken van Tok. Als hij uit school komt heeft hij een tekening ter herinnering aan zijn lievelingskip gemaakt. Bij de logopediste doen ze oefeningen geënt op kippen. Als we weer thuis komen moet natuurlijk de begrafenis van Tok georganiseerd worden.

Samen met een paar buurtkinderen hebben ze scheppen geregeld. Ook zijn er bloementjes geplukt. De ander heeft een mooi steentje voor op het kippengrafje. Er moet ook een stok op. We zoeken een mooi plekje in het park en mijn lief graaft het gat. We nemen afscheid. Dag Tok, dank je wel voor je lekkere eitjes!

Als we terug lopen zijn de kinderen het met elkaar eens; “we moeten dan wel af en toe hier naar toe om nieuwe bloemen neer te leggen”.

MR