Guestblog raising mefrouw: Amsterdam 

   
De eerste en enige vakantie die ik samen met mijn drie dochters heb gevierd, was niet alleen daarom gedenkwaardig. 

Het begon er al mee dat het de vriend die ons wegbracht, niet werd toegestaan om de koffers naar boven te brengen in het hotel. Geen herenbezoek daar! Toen ook nog bleek dat we in twee aparte kamers, ipv de geboekte vierpersoons kamer moesten slapen, was ik er snel klaar mee. Met mijn drie dochters in mijn kielzog, ben ik met opgeheven hoofd vertrokken; Roepend: ” En het stinkt hier ook nog! ”
Maar hè, het was Amsterdam, een ander hotel was zo gevonden, en dit lag zelfs pal achter het Leidseplein. Behalve dat we daar een ruime kamer voor ons vieren kregen, was dat dus nog een pluspunt. Vandaar uit maakten we allerlei soorten uitstapjes. Madame Tussaud, het Anne Frank huis, het Scheepvaartmuseum, de dagen vlogen voorbij. In Artis zei een onbekende man tegen mijn jongste dochter:” If you give me a smile, I ‘ ll give you my hart”.  

In de buurt vonden we een geweldige pizzeria en daar ergens vlakbij kreeg ik drugs aangeboden. Pardon?
In een speelgoedwinkel in de Kalverstraat mochten ze alledrie een kleinigheidje uitzoeken en

daarvandaan togen we naar de aanlegsteiger van de rondvaartboten.

Onderweg kwamen de voorspellende gaven van mijn oudste weer eens naar voren. Onbevangen vertelde ze, dat ze dit al gedroomd had, en ” toen ging ie ook niet”.

En inderdaad de afvaart was uitgesteld en onverrichterzake keerden we eerst maar weer terug naar het hotel.

Het tochtje vond de volgende dag alsnog plaats en mijn dochters keken hun ogen uit bij het zien van het smalste grachtenpand, de mooie woonarken en de reusachtige schepen op het Ij. De jongste mocht via de microfoon voorin de boot commentaar geven op alles wat ze zag; voor de middelste was dat een stap te ver.
Die avond brachten we een bezoek aan Carré, waar Andre van Duin optrad. Niet iedereen genoot hier met volle teugen van, want overmand door de vermoeienissen van de voorgaande dagen, viel de jongste op de grond tussen de stoelrijen in slaap.

Terug met de tram kregen we het ritje gratis, waarschijnlijk omdat de conducteur ons echte boertjes van buiten vond; dat korte stukje hadden we nl. ook wel kunnen lopen. 

De vakantie werd afgesloten met een ochtendje bij Ikea en staat zeker in de top tien van de leukste ever, maar als rechtgeaarde

Vlielanders waren we blij, toen we eenmaal op de boot zaten, dat het eiland weer in zicht kwam.
There’s no place like home!
Groet SH 

Guestblog raising mefrouw: Hoekje

  

Vroeger bestond er een mopje: Het is rood en het zit in een hoekje. Natuurlijk is het eerste waar je aan denkt, een ongeluk, want dat zit ook in een klein hoekje, of een kind, want dat moest er weleens in staan. Het antwoord ligt niet ver uit de buurt.
De meeste ongelukken gebeuren thuis, zelfs als je er zelf bij bent. Je ziet je kinderen eerder verongelukken op weg naar school of bijvoorbeeld als ze op stap zijn of op reis, maar in deze ” veilige” omgeving schijnt iedereen zich minder bewust te zijn van de gevaren. Ondanks alle voorlichtingscampagnes van de overheid of o.a. de brandwonden stichting gebeurt het nog steeds. De statistieken liegen er in ieder geval niet om.
Ik kan erover mee praten. Niet alleen omdat ik een kind heb wat de naam heeft een brokkenpiloot te zijn, maar omdat alle vier mijn kinderen weleens iets is overkomen. In of rond de woning, op school, bij vriendjes, onderweg of anderszins. 

En ook mijn kleinkinderen zijn er niet vrij van gebleven. 

Gelukkig zijn er geen onherstelbare dingen gebeurd, maar in veel gevallen zijn de littekens nog zichtbaar.
Met vuurwerkongevallen heb ik geen ervaring, wat op zich al een wonder is, maar met Oud en Nieuw

in het vooruitzicht wil ik er op deze plaats toch wel even voor waarschuwen: Je kunt niet voorzichtig genoeg zijn! 

Aan een veiligheidsbril zijn ze zo gewend en iets aansteken met een lont ook.
Voor de rest roep ik mijn nog schoolgaande kind elke ochtend na: “Ik hou van je en wees voorzichtig! ”
Want in dat hoekje zat, ik kan er nu niet meer om lachen:

een kind met een aardappelschilmesje. 
Fijne jaarwisseling,

Groet SH

Guestblog raising mefrouw: Derde kerstdag

  

Kerstmis in de jaren 60 op Vlieland was voor ons als kinderen altijd heel bijzonder. 

Het begon al op kerstavond; als we na de kerst nachtdienst thuis kwamen stond er steevast wat lekkers klaar, waaronder de bekende kerststol. Helaas houd ik zelf niet zo van rozijnen, maar mijn moeder bewaarde dan haar stukje spijs speciaal voor mij. Genietend van de warme chocolademelk en nog rozig van de kou, bleven we op tot onze ogen bijna dichtvielen en het echt heel laat was.
Eerste Kerstdag stond traditioneel in het teken van het kerstdiner. Aan tafeldekken hadden mijn zusjes en ik normaal gesproken een grote hekel, maar op die dag was het een eer om daarbij of in de keuken te mogen helpen. Het menu is sinds jaar en dag hetzelfde gebleven: Vooraf kregen we overheerlijke groentesoep, naar grootmoeders recept, gevolgd door de veel geroemde rollade van slager Jorna uit Harlingen, met daarbij heerlijke stoofperen en spruitjes en als afsluiting kwam er Saroma pudding met KlopKlop of ijs met slagroom op tafel. Alle logé ’s en wij als gezin genoten met volle teugen.
Op Tweede Kerstdag was er dan het feest van de zondagsschool in de kerk. Daar keek je het hele jaar naar uit, omdat het altijd spannend was wie er uit gekozen zou worden om het eerste kaarsje in de enorme boom aan te mogen steken. Het was namelijk een spectaculair gezicht als er dan dmv een schietlont een voor een alle kaarsjes aanfloepten, tot in de top aan toe. Met het oog op de brandveiligheid gebeurt dat tegenwoordig niet meer op die manier.
Kadootjes werden er in die tijd gewoonlijk niet uitgewisseld, maar onder die boom stonden er altijd tasjes klaar, met allemaal traktaties en een boekje. 

Verschillende daarvan heb ik nog : “De kleine zwerver”, “Het klompje dat op het water dreef”, “Als een droom” en meer van die aansprekende titels. Voorin was dan een briefje geplakt met je naam. Ter herinnering aan het kerstfeest van de zondagsschool.
Derde kerstdag bestaat officieel niet, maar wel bij ons thuis, want mijn vader is jarig op 27 december. Voor mijn moeder betekende het vaak dat ze, als het even tegenzat, voor vier of vijf dagen boodschappen in huis moest halen, wat de nodige planning vergde. Petje af voor haar organisatie talent!

De hele dag door was er dan visite, want behalve opa en oma, woonde er nog al wat familie op het eiland. Het was een komen en gaan van ooms en tantes, neven en nichten, buren en kennissen en ook de halve bemanning van de boot voelde een beetje als familie.
Dat die familie in de loop der jaren behoorlijk is uitgedund mag geen wonder heten, dat het kerstmaal minder uitgebreid is ook niet, gezien de wat kleinere behuizing van mijn ouders, maar logeren kan nog steeds en dit jaar is het wel voor de 85ste keer Derde Kerstdag!
En ik hoop dat mijn vader’s taartschep nog steeds z’n melodietje speelt: LANG ZAL HIJ LEVEN!

Groet SH 

NB. 
Vanaf 1 januari zal hij dan weer kunnen vertellen dat hij het jaar daarop 87 wordt. Ja, pap!

Guestblog raising mefrouw: Peen-Poesje

  

Vorige week hield de NS een landelijke actie om alle, (in de trein) gevonden knuffelbeesten weer bij hun rechtmatige eigenaar/-esse terug te brengen en er blijkt zelfs een heuse website te bestaan die hetzelfde doel nastreeft. Ik snap het belang hiervan wel, omdat mijn middelste dochter bijvoorbeeld, vroeger ook niet zonder de hare kon.

Je zou het nu niet meer zeggen, maar wat was ze verlegen, dat meisje van mij. Alleen naar opa en oma, die op de andere hoek van de straat woonden, durfde ze eigenlijk niet. Maar opa had verordonneerd dat alle kleinkinderen het zakgeld dat ze wekelijks zouden krijgen, persoonlijk op moesten komen halen, anders zou het aan hun neus voorbij gaan. Dus in gezelschap van haar kleine zusje en gewapend met peen-poesje ging ze er dan wel op af, alhoewel ze ook nog bang was, dat alle volwassenen maskers zouden dragen, die ze zodra zij weer weg was af zouden zetten, waardoor ze in monsters zouden veranderen.

Peen-poesje (haar speen in combinatie met haar lievelingsknuffel) was letterlijk en figuurlijk in vele situaties haar steun en toeverlaat en ging overal mee naar toe. Toen ze nog klein was kon dat bij logeerpartijtjes en naar de peuterspeelzaal heel openlijk, maar later naar school ging poesje, toen al zonder speen vanzelfsprekend, in de tas. 

Drama’s hebben we beleefd, als peen-poesje weer eens kwijt was. Hele zoektochten, met wie er op dat moment ook maar aanwezig was, werden er op touw gezet, want zonder het vertrouwde houvast werd er niet gegeten of gelachen. Een keer vond iemand hem, na bijna drie uur lang het hele huis afgezocht te hebben, waardoor de hele familie op onstuur raakte, buiten op een paaltje. Tot mijn grote opluchting, want anders kon ze natuurlijk niet slapen.

Een ander probleem was de slijtvastheid van het geheel. Een speen was wel vervangbaar, maar poesje was uniek. Oma en ik vonden er een oplossing voor. Door op gezette tijden nieuwe lijfjes voor hem te haken, breien of naaien, zag hij er dan wel wat anders uit, maar werd algauw, door het opnemen van de vertrouwde geur, weer in genade aangenomen.

Verlegen is ze allang niet meer mijn kleine meisje en haar angsten heeft ze overwonnen, maar peen-poesje heeft ze nog steeds. Hij is stiekem meegeweest op schoolreisjes en zelfs op vakantie naar Frankrijk. Hij heeft vele verhuizingen overleefd, is gehavend en versleten tot op de draad, maar ligt nu trouw te wachten in de opslag, tot ze hem weer op komt halen.

Oude liefde roest niet.

Groet SH

NB. Komt het door de herinneringen aan bovenstaande of zijn mijn oudste en jongste dochter gewoon slimmer dan dat ik was? Van de favoriete knuffel van hun kinderen bezitten zij meerdere exemplaren! Zo kun je er nog eens een wassen of verliezen……
》www.knuffelkwijtsijt. nl

》www.knuffelhotel/lost-and-found/knuffel-kwijt

》www.waarismijnknuffel. nl

Guestblog raising mefrouw: De E van mefrouw

 

 Met de derde op komst waren mijn man en ik er gelukkig heel snel uit wat de namen betrof. Opa zou vernoemd worden als het een jongen was; Beppe en Oma in geval van een meisje. Heerlijk geen gedoe, lekker rustig.

Tot de oudste langs haar neus weg vroeg, wie er deze keer mocht kiezen. Eigenlijk was zij nu aan de beurt, vond ze, en ze wist een hele mooie naam voor haar kleine zusje!

Zusje? Keuzes? Weg was de rust. De twijfel sloeg weer toe, zeker toen ik in mijn onschuld vroeg welke naam ze in gedachten had. Ik had het kunnen weten, het was de mooiste die ze kon bedenken, nl. die van haar pop.
Tot in het kraambed bleef het wikken en wegen en toen onze prachtige nieuwe aanwinst er eindelijk was, kwam onvermijdelijk de grote vraag: “Hoe gaat ze heten? ”

Even keken Johnny en ik elkaar aan, hij knikte me toe en aarzelend zei ik: Eveline?
Dat dit moment niet onopgemerkt was gebleven, bleek de volgende ochtend, toen de huisarts, nog maar nauwelijks binnen informeerde of onze dochter nog steeds Eveline heette. Verontwaardiging alom. Wat dacht die man wel. Natuurlijk heet ze Eveline!

Geen twijfel mogelijk!
Groet SH
NB.

De vervangende naam voor de pop is in vergetelheid geraakt, maar dit verhaal is onsterfelijk.

Ik heb vaak moeten aanhoren hoe de jongste met een licht verwijtende ondertoon wist te vertellen: “Ja, ik ben naar een pop vernoemd! ”

Daarom wil ik nog 1 keer benadrukken dat dit het grootste cadeau is wat je van iemand kunt krijgen.

De mooiste naam van de wereld!

Een geschenk voor het leven.