De perfecte eerste date

Ik zit te wachten, totdat je me ophaalt. Ondertussen denk ik aan hoe de avond zal verlopen. Waar zal je me mee naar toe nemen. Zullen we binnen eten of buiten? Hebben we genoeg gespreksstof of zal het ongemakkelijk zijn? Zullen we zoeken naar onderwerpen om over te praten? Zullen we een klik hebben? Kunnen we samen lachen? Allemaal vraagtekens…. 
Daar ben je dan. Je glimlacht naar me. Ik haal opgelucht adem. De eerste indruk is goed. Je geeft me een helm. Kluns als ik ben klungel ik er op los. Je bent galant. Je helpt me. Ik stap bij je achterop je scooter. Samen rijden we de drukte tegemoet. Ik geniet van de drukte van de stad, van de perfecte zomeravond, en van alles wat je me te zeggen hebt. Je kent de stad beter dan ik. Je hebt van alles te vertellen. Je vertelt over de geschiedenis van de stad en je laat me de leukste plekjes van de stad zien. Je laat me kennismaken met nieuwe gerechten en we komen er achter dat we allebei Foodies zijn en kunnen genieten van goed eten. 

We praten over het leven; onze overeenkomsten en onze verschillen. Je laat me jouw lievelingsijs proeven. We maken grapjes en lachen samen. We hebben het samen over films en series. We bespreken onze dromen en ambities. 
De avond loopt ten einde. Ik vind het jammer. Je zet me weer af. Ik kijk naar je: “je bent een knappe jongeman. Je bent intelligent, zorgzaam en hebt ambitie”, schiet het door m’n hoofd. Ik bedank je voor de heerlijke avond. Ik vind het zo leuk dat je me de stad hebt laten zien, zoals deze is. Dat ik Saigon heb kunnen proeven, letterlijk en figuurlijk, al was het maar voor een avond. 
Terug in Nederland vertel ik mijn vriendinnen over deze avond. Ik ben vol enthousiasme en beleef de avond weer helemaal opnieuw. “De avond was geweldig. Ik heb oprecht zoveel plezier gehad en zo heerlijk gegeten. Eigenlijk was het een perfecte eerste date. Ware het niet dat mijn ‘date’, ook mijn tourguide was en dat ik hem moest betalen aan het einde van de avond”. 
ER

Advertenties

Soul for the music: I’m coming home

Ik zit in de taxi naar het vliegveld: “Lieverd, ik haal je morgen op!”, een whatsapp bericht van een van m’n lieve vriendinnetjes. De tranen komen; van geluk.
Dit is het dan; ik heb m’n droom waargemaakt! Wat een avontuur. Van begin tot eind. Op sommige momenten was het helemaal niet wat ik ervan had verwacht. Soms was het precies wat ik ervan had verwacht en op andere momenten was het meer dan ik van te voren had ooit had kunnen bedenken. 
Ik ben er vol ingegaan. Vietnam heeft mij met open armen ontvangen en ik heb Vietnam omarmd. Ik heb streetfood gegeten en biertjes gedronken op straat. Ik ben verdwaald. Ik heb gedanst. Ik heb yoga gedaan op de meest bijzondere plekken. Ik heb gepraat met de locals. Ik heb fouten gemaakt en geleerd. Ik heb m’n grenzen verlegd. Ik heb een nieuwe cultuur leren kennen. Ik heb nieuwe herinneringen gemaakt. Ik heb nieuwe mensen ontmoet. Ik heb afscheid genomen. Ik heb gezwommen in een helder blauwe zee. Ik heb gemist. Ik heb gelachen. Ik ben afgezet. Ik heb geleerd. Ik heb geproefd. Ik heb ervaren. Ik heb geroken. Ik heb gezien. M’n hart is gebroken. Ik heb ontdekt. Ik heb gevoeld. Ik heb het mogen beleven.

Ik zit in de taxi naar het vliegveld: “Lieverd, ik haal je morgen op!”, een whatsapp bericht van een van m’n lieve vriendinnetjes. De tranen komen; van geluk. Van geluk, omdat ik weer naar huis ga. Naar mijn lieve Olivia. Ik heb haar gemist. Naar mijn liefde. Naar mijn familie. Naar mijn vrienden. Naar mijn thuis.

“Twenty years from now you’ll be more disappointed by the things you didn’t do than by the ones you did do. So throw off the bowlines. Sail away from the safe harbour. Catch the trade winds in your sails. Explore. Dream. Discover.”
– Mark Twain

ER

Halong bay: Countdown


We varen door het prachtige Halong bay: “This is what you came for”. Het lied danst mijn hoofd weer binnen. Het uitzicht is waanzinnig. Ik zit achterop de boot en de wereld verrast me met haar schoonheid. De prachtige rotsformaties vormen een geweldig kunstwerk.
Het is tijd. We krijgen de kans om van zo’n prachtige rots af te springen. Het is slechts 13 meter. “Eveline je gaat dit doen, maar wat haal ik in m’n hoofd. De 5 meter bij Mudmasters vond ik al eng. Maar het gaf zo’n kick na de tijd”, spreek ik mezelf toe. Ik heb gecheckt en als ik daarboven sta en ik durf niet, dan kan ik weer naar beneden. Ik mag prachtige, maar veel te grote schoenen aan doen. “Dat is levensgevaarlijk om met die schoenen zo’n hoge rots te beklimmen”, denk ik. Ik besluit geen risico te nemen en ik doe gewoon lekker m’n oude, vertrouwde Nikes aan. Bij de klim naar boven merk ik dat ze m’n rots in de branding zijn. De andere mensen voor mij, op die veel te grote schoenen, schuifelen naar boven. Het meisje voor me is doodsbang. Ze klimt heel langzaam. Af en toe geef ik haar een kontje, zodat ze zich wat veiliger voelt: “Thanks for helping me”, zegt ze. “No worries, I’m just grabbing you by the butt”, is mijn antwoord. Terwijl ik daar sta met mijn handen vol op haar billen, moet ik bekennen dat het toch een vreemd geheel is; ik weet niet eens hoe ze heet. 

“If it scares you, it might be a good thing to try”.

– Seth Godin

“Oke, daar sta ik dan: 13 meter hoog”, denk ik. “Wat is dat toch. Waarom leg ik mezelf altijd dingen op die buiten m’n comfortzone liggen. Waarom haal ik daar plezier uit. Waarom doe ik mezelf dit toch keer op keer aan”, goed dit zijn geen helpende gedachten en ik wuif ze weg. Ik word aangemoedigd vanaf de boot. De boot die nu voor de rots ligt. De boot die niet meer achter de rots ligt. De boot die nu daar ligt en er daarmee dus voor zorgt dat ik wel moet spingen. Er is geen weg meer terug. M’n hart zit in m’n keel. Mijn benen trillen, alsof ik drie dagen lang legday heb gehad. “Mindset is alles en ademhaling ook”, flitst het door m’n hoofd. Ik spreek het hardop uit: “Ik kan dit!”. Ik zorg voor een sterke ademhaling. Ik tel hardop af, terwijl ik daar boven aan de rots sta: “five, four, three, two, one!” En daar sta ik dan nog steeds boven aan die prachtige rots. Niet gelukt. Ik probeer het nog eens: “Ik kan dit!”, ademhalen en ik tel af. Weer blijf ik staan als ik one zeg. Mijn benen trillen nog sneller en ik wil bijna opgeven, maar dat is geen optie. Ik besluit af te tellen in het Nederlands. Weet ik veel, misschien heeft het nut. “Ik kan dit!”, ademhalen, bemoedigende kreten vanuit het water en vanaf de boot, “Vijf, vier, drie, twee, een” en daar ga ik! Ik spring! Ik houd me keurig als een kaars, met m’n handen gekruist over mijn borsten. De ervaring leert dat rondborstige dames bij sprongen vanaf grote hoogte het beste hun borsten kunnen beschermen, dit is nodig om de pijn te beperken. Ik land keurig in het water. Als een vis in het water! “Whoohoo!!!! Ik kan het! Ik heb het gedaan! I am  king of the world! Whoohoo Whoohoo!”, gelukkig denk ik dit allemaal terwijl ik onder water ben. Het zou toch wat beschamend zijn als ik Leonardo DiCaprio’s tekst uit Titanic gebruik om mijn persoonlijke overwinning te uiten. Ik kom boven en ik hoor het applaus vanaf de boot, de rots en uit het water. Ik ben trots! 
Ik draai me om en moedig de volgende aan: “You can do it!”

ER

Itchy feet @ Vietnam

 

Ken je dat gevoel? Het gevoel van deze avond is nog niet voorbij en ik wil gewoon nog even dansen? 

De avond is warm. De AustraliĆ«r tegenover mij noemt het “a perfect summer night. Not to hot”. En ik? Ik noem het nog steeds bloody hot. Ik heb gedoucht, maar dat had ik net zo goed achterwege kunnen laten gezien de Mekong Delta op mijn bovenlip. 
Ik was in de veronstelling dat ik mijn ‘perfecte’ boek zou gaan lezen in mijn hangmat, maar niets was minder waar.
Als ik beneden kom gedoucht en wel, met mijn boek onder m’n arm loop ik gelijk een groep bekenden tegen het lijf. We bestellen een biertje, kletsen, drinken een shotje hier en een shotje daar, grappen en grollen, maar ineens is het elf uur. De Vietnamezen werken ons binnen no time de deur uit en voordat ik het weet sta ik met m’n boek, op mijn slippers buiten bij het hostel. De avond is warm en jong. Ik heb het gevoel dat de avond nog niet voorbij is en wil wel graag nog even dansen. Gelukkig ben ik niet alleen. Ik hoor geluiden over een afterparty. Jawel, om 23.00 en we spreken van een afterparty. 

“I’ve got itchy feet”

Voor op straat zie ik mijn groep, mijn crew, mijn gang, mijn groep vreemden die-ik-nog-niet-zo-lang-ken, achterop de scooter stappen bij Vietnamezen. Ik volg het voorbeeld en na nog geen, geweldig, lange rit van wel 500 meter beland ik op de afterparty. Het lijkt wel een soort loods, maar wat maakt uit. Ik en mijn boek zijn klaar om te dansen. We dansen, en dansen en dansen. Mijn boek maakt indruk op de menigte maar het maakt mij niet uit. Er klinkt salsa muziek door de speakers en ik gooi m’n heupen los. Het duurt niet lang of een jongeman, ik gok een jaar of 23, uit Honkong vraagt me ten dans. Hij pakt m’n boek, m’n slippers en m’n biertje uit m’n handen en legt m’n hele verzameling aan de kant. We beginnen wat stroef aan onze salsa dans. Dat zal geheel liggen aan mijn geĆ«mancipeerde mentaliteit en mijn neiging tot het nemen van de leiding. Als snel heb ik in de gaten dat de jongeman, in tegenstelling tot ikzelf, echt kan salsa dansen. Ik adem uit en probeer de leiding los te laten. Ik probeer te ontspannen. De jongeman krijgt nu de kans om mij te leiden over de dansvloer. Ik lach, ik zie alle hoeken van de dansvloer en het voelt alsof we echt dansen en deze 23 jarige geeft me een enorm vrouwelijk gevoel.
Ik betwijfel of de jongeman uit Hongkong nu echt zo geweldig kon salsa dansen, maar het voelde in elk geval geweldig. Daar draait het toch om? Het gevoel?
Mijn itchy feet zijn bevredigd en voldaan. Ze brengen me naar m’n bedje. 
ER

Music for the soul: This what you came for

Een liedje zit soms zomaar in je hoofd en daar blijft het dan. Soms blijft het daar een dag, of het blijft er dagen. Soms heb je de melodie in je hoofd, soms het hele lied en soms maar een zin.

Ik loop door Hanoi. Ik voel de drukte van de stad. De geuren van alle specerijen van de stad komen mijn neus binnen. Ik zie en ruik het eten dat buiten klaargemaakt wordt. Ik hoor het toeteren van al het verkeer dat kenbaar maakt dat ze eraan komen. Ik loop met de kaart in m’n hand naar Hoan Kiem lake en wat blijkt: het lukt me. Ik vind het meer. Ik besluit te gaan zitten aan het meer. Het is m’n eerste dag en nu al zoveel indrukken en dan komt het voor het eerst in m’n hoofd: 

“This is what you came for”. 

ER