#Airfryerfans: yellow zucchini chips

Yeah! Het is me gelukt. Ik hoorde het wel eens van andere moeders, groente verstoppen in een één of ander gerechtje en daar was ik dan stiekum wel een beetje jaloers op. Eigenlijk heb ik niks te klagen hoor, Finn lust veel en proeft gelukkig alles. Courgette is alleen iets wat hij categorisch weigert. Verstoppen zat er ook niet in want als ik in de keuken sta, staat Finn er meestal met zijn neus bovenop. Vandaag was hij lekker aan het spelen toen ik deze chippies uit de Airfryer aan het bereiden was. 

Ingrediënten:

– 1 courgette

– 1 eiwit

– bloem

– geraspte (geiten) kaas

– Italiaanse kruiden

– paneermeel

– peper en zout

Werkwijze:

– snijd de courgette in dunne plakjes

– doe het eiwit in een kom 

– in een andere kom doe je de bloem 

– meng de kaas, paneermeel, Italiaanse kruiden, peper en zout in een derde kom

– haal de plakjes courgette eerst door de bloem, dan door het eiwit en dan door het mengsel. Ga door tot alle stukjes courgette gepaneerd zijn

– verwarm de Airfryer voor op 180 graden

– bak de courgettes 10-12 minuten, tot de bovenkant krokant en bruin is

Het bordje was in no time leeg. Mijn hart maakte een klein sprongetje het was me gelukt! Net als al die andere supermoeders. Misschien is het geheim dat ik een gele courgette gebruikt heb? Ik weet het niet, maar deze “healthy” chippies zijn echt:
Yummy,

MR

Zomercolumn Leeuwarder Courant

Een tien

Op het eiland was het voor ons als pubers heel duidelijk hoe de verhoudingen lagen; in de winter versierden we elkaar; in de zomer was het jachtseizoen op de badgasten geopend.
Giebelend stonden wij als tienermeisjes op wisseldagen bij de boot. Het was altijd weer spannend als de loopplanken werden uitgelegd en de eerste horde aantrekkelijke jongens de veerdam op dromde. Ze kregen cijfers en wij mochten die geven, al hebben zij dat nooit geweten. Omgekeerd werd de nieuwe lichting meisjes beoordeeld door onze wintervriendjes. “Vers vlees” noemden zij deze. In de schaarse vrije uurtjes tussen onze vakantiebaantjes en het rondhangen in de jeugdsoos door, was dit een aangenaam tijdverdrijf.

Er was niks mis met deze gang van zaken en voor mij had dit nog jaren zo voort kunnen kabbelen, maar toen kwam HIJ voorbij in de zomer dat het allemaal begon. 

Een knappe jongen was het, met bruine ogen en donker schouderlang haar; stoer, groot en met een leuke uitstraling. Duidelijk een acht, wellicht een negen en met een beetje geluk een tien, maar dan moest hij nog wel aan een aantal voorwaarden voldoen. Bij wat navraag bleek dat hij; voor een langere periode zou blijven; maar twee jaar ouder dan ik was en een goed gevoel voor humor had. Zijn lijzige stem maakte bij onze eerste echte kennismaking het plaatje compleet: een negen! Zeker weten, totdat hij een tijdje later, na dagenlang flirten, elkaar uitdagen, aantrekken en weer afstoten, demonstratief mij verkoos, boven mijn vriendinnen, die ook op hem vielen. Toen werd het een tien. Definitief.

Zinderende zomers beleefden we, mijn tien en ik. Hopeloos verliefd, hand in hand dwalend in de bossen en de duinen, ravottend op het strand. Er waren droppings en kampvuren. Zonsondergangen bij de vuurtoren en zoenen achter de dijk. Nooit kwam hij bij mij thuis, of ik bij hem op het kampeerterrein; ons dagelijks leven hielden we net als de winterperiode zorgvuldig afgeschermd. 

Bij elk afscheid huilden we tranen met tuiten, maar daarna hoorden we merkwaardig genoeg niets van elkaar. We hadden kunnen schrijven of bellen, maar adressen of telefoonnummers wisselden we niet uit. Als bij afspraak vroegen we ook nooit wat de ander al die tijd had uitgevoerd, zelfs niet hoe het op school ging. Een foto had ik van hem en soms haalde ik die stiekem even te voorschijn om er smachtend bij te zwijmelen, maar de rest van de tijd besteedde ik aan belangrijker zaken. Tenslotte waren er geen beloftes van eeuwige trouw gedaan.

Onze liefde bestond alleen in de zomer. Vrolijk, speels en onnavolgbaar. Een verrassing als hij terugkwam, een gemis toen hij voorgoed wegbleef.

Jaren later kwam ik hem weer tegen: hij trok een bolderkar vol kinderen en ik was allang getrouwd met mijn eerste vriendje, maar we stelden geen vragen; we haalden herinneringen op. Met wie zou je die anders kunnen delen? De vlinders begonnen (bij mij althans) onmiddellijk weer te kriebelen.

Mijn vakantieliefde scoorde nog steeds hoge ogen!

SH

Quote of the Friday: Nederlands gezegde

image

“Met opgestreken zeil naar iemand toegaan.”
-Nederlands gezegde-

Morgen begint het Skûtsjesilen weer, elk jaar probeer ik wel één wedstrijd te kijken. Prachtig vind ik het, de wedstrijd, maar ook de hele entourage erom heen.
Als kind zijn we een keer met Pake & Beppe naar familie in Stavoren geweest om de zeilwedstrijd te kijken. Prachtig vond ik het! De grote zeilen, de spanning, dat het nét goed gaat en de achtergrondinformatie van Pake.

Als puber gingen altijd op de woensdag in de skûtsjesilen met de borrelbus naar de schuimparty in Grou en op de zaterdag naar de wedstrijd kijken op de Frisian Queen (een raderboot van de ouders van een vriend). Tegenwoordig kijken we eerst of het mooi weer is en beslissen dan naar welke wedstrijd we gaan.

Van de week ben ik ook al even bij de haven geweest, even sfeer proeven en genieten van alle bootjes en uiteraard een biertje gedronken op één van de volgschepen.

Maar nu heb ik mooi uitzicht op het feestgedruis, het is alleen jammer dat de beste jongen op het podium nu niet bepaald de beste zanger van Nederland, uh.. Van Friesland, uh… Van Grou is.

Het is niet zo dat het gezegde op hem slaat, nee, dat laat ik in het midden. Wat ik mooi vind, is dat er zoveel spreekwoorden en gezegdes uit de scheepvaart komen. En ook dat ik ze vaak onbewust toepas

“Met opgestreken zeil naar iemand toegaan.”
Kwaad zijn en iemand flink de waarheid vertellen. (Ook wel: er driftig op los gaan)

Hopelijk is het morgen mooi weer met een stevige wind en hebben wij een vol terras, dan kunnen we alle zeilen bijzetten.

En voor alle skûtsjes: Een behouden vaart!

FR

 

Guestblog: Mobieltje

Nou ik heb er een, hoor. 

Een smartphone

Het heeft een aantal mensen wat moeite gekost om mij van het gemak ervan te overtuigen, maar nu eindelijk dan toch, heb ik er een. 

Het is de oude van mijn zoon. Die met het scherm, wat helemaal aan gruzelementen was. En met die batterij, die steeds voortijdig leeg liep. Maar dankzij een handige schoonzoon is dat allemaal hersteld en nu heb ik ‘m dan.

In de praktijk heeft hij zijn nut al bewezen, omdat ik er mee kan appen. Dus dat is wel een voordeel. Je schijnt er ook goeie foto’s mee te kunnen maken. En ik lees mijn email er wel eens op. Dus ja, eigenlijk ben ik er alleen maar mee op vooruit gegaan.

Wat zeur je dan, zou je zeggen. 

Nou, ik durf het nauwelijks te bekennen, maar ik mis mijn oude mobieltje, wat ik al tien jaar had. Dat lag zo lekker in de hand. Paste precies in mijn broekzak. Had ik altijd bij me. Hoefde ik maar een keer per week op te laden. Het was mijn horloge, wekker en kookwekker. Met die oh, zo vertrouwde ringtonen, waardoor ik precies wist of ik gebeld werd of een smsje kreeg en waar mijn jongste kleindochter op danste. Met de foto van mijn 11 jarige zoon, glunderend met een bos bloemen in zijn armen na het lopen van de avond vierdaagse, als screensaver. Met al die bewust bewaarde smsjes , van jaren her, waarvan ik bij het herlezen ervan precies wist aan welke heftige, leuke of verdrietige momenten in mijn leven, ze memoreerden. 

Ja, dat mis ik.

En die smartphone? Die heeft nog geen eigen verhaal. Of het moet zijn dat hij al drie keer uit mijn zak is gevallen, zodat ik nu niet weet waar ik hem laten moet. En dat ik hem daardoor wel eens vergeet en daardoor minder bereikbaar ben, ipv beter. Waarbij je nog op kunt tellen dat ik het oproep signaal niet herken. 

Laatst stond ik voor de brug te wachten, toen er een telefoon overging. “Mama, van wie is die? ” hoorde ik een meisje aan haar moeder vragen. 

” Ik weet het niet, maar in ieder geval niet die van ons” was het antwoord. 

Pas toen de brug weer open ging en we door konden rijden, realiseerde ik me, dat het de mijne was. Hij zat ergens in mijn fietstas.

Ja, ik mis mijn mobieltje.

Groet SH

Havermout muffins met mango en kokos

Het is vakantie en het zonnetje schijnt flink. Ik bak lekkere zomerse muffins, zonder ei voor de lunch. De jongens willen in het buitenzwembadje en ik geef ze groot gelijk, dus ik duik de garage in op zoek maar het bad wat we vorig jaar gekocht hadden. De garage is een chaos en al mopperend op mijn lief geef ik het op. De buurjongen biedt aan om in hun keurige garage te kijken naar een badje wat dan tijdelijk bij ons kan staan. Prima oplossing dacht ik zo!

De jongens komen terug met een bad welke verdacht veel op die van ons lijkt. We blazen hem op en als de bovenste rand lek blijkt te zijn kunnen we er niet meer onderuit. Deze is van ons, tja dan kan je lang zoeken (sorry lief).

Niet alleen de bovenrand blijkt lek te zijn ook in de bodem zitten er een paar gaatjes. Ik spreek mijn macgyver skills aan en plak de gaatjes zo goed en zo kwaad als het gaat met een oud fietsbanden-rescue-setje maar als ook die op raakt, ducktape geen soelaas biedt en kauwgom me net iets te ver gaat, besluiten we het zo te proberen.

Ondertussen zijn de muffins afgekoeld en kunnen we deze lekker opsmikkelen terwijl de lijm droogt.

Dan mag eindelijk het water erin! Kraan aan en jawel hoor, ook daar een kleine ontploffing met een leuke maar koude fontein als gevolg. Een paar kleine aanpassingen en ook die is weer gefikst. Ik sjouw wat gieters met warm water heen er weer en voila de jongens kunnen heerlijk badderen. 

Goed voor uren spelplezier…NOT, na een half uurtje vragen ze alweer om een handdoek en het bovenste randje loopt alweer langzaam leeg and so do i.

Ingrediënten voor 12 stuks:

– 2 eetlepels chiazaadjes

– 10 eetlepels (kokos)water

– 150 gram havermout

– 50 gram amandelmeel

– 50 gram kokosrasp

– 150 gram kokosyoghurt

– 2 eetlepel kokosolie

– 3 theelepels wijsteenbakpoeder 

– snufje zeezout

– flinke knijp agavesiroop 

– 100 gram diepvries mangoblokjes

Werkwijze:

– pak een schaaltje en roer de chiazaadjes door het water. Laat dit staan totdat je een papje hebt

– weeg alle overige ingrediënten af, behalve de mango en doe ze in een schaal en mix ze (met een keukenmachine) samen met het chiapapje goed door elkaar

– spatel er nu voorzichtig de mango erdoor heen

– vet de muffinvormpjes in met kokosolie en zet ze in het bakblik. Vul ze af voor 2/3 met het beslag

– zet het geheel in de oven en bak voor ca. 30 minuten. De muffins zijn gaar als je er met een satéprikker in prikt en deze er schoon uitkomt

Yummy!

MR